
Gestreepte tonijn
Katsuwonus pelamis
- MSC labelWildvangst
- Indische Oceaan FAO 51, 57; Pacifische Oceaan noordwest, zuidwest en centraal FAO 61, 71, 77, 81Hengel
- Atlantische Oceaan FAO 21, 27, 31, 34, 41, 47Hengel, Ringzegen zonder lokboei (Fish Aggregation Device, FAD)
- Indische Oceaan FAO 51, 57; Pacifische Oceaan FAO 51, 57, 61, 71, 77, 81, 87Ringzegen met en zonder lokboei (Fish Aggregation Device, FAD)
- Pacifische Oceaan noordwest, zuidwest en centraal FAO 61, 71, 77, 81Kieuwnet
- Atlantische Oceaan noordoost, centraal oost, zuid oost FAO 27, 34, 47Ringzegen met lokboei (Fish Aggregation Device, FAD)
- Indische Oceaan FAO 51, 57Kieuwnet
- Pacifische Oceaan zuidwest, zuidoost en centraal oost FAO 77, 81, 87Ringzegen met lokboei (Fish Aggregation Device, FAD), Sleeplijn
Biologie
De gestreepte tonijn, ook wel ‘skipjack’ genoemd, is geen echte tonijn, maar behoort tot de grote groep van de snelgroeiende tonijnachtigen. De gestreepte tonijn is de meest beviste tonijnsoort ter wereld. Deze populaire tonijnsoort is eerder klein, met een lengte van ongeveer 1 m en weegt tot 20 kg. Hij is wijdverspreid, groeit snel en plant zich redelijk snel voort.
Toestand van het bestand
Door fluctuaties in de voortplanting is het heel moeilijk om de toestand van de gestreepte tonijnpopulaties en de impact van visserijen op het visbestand te bepalen. Desondanks worden alle populaties momenteel als gezond beschouwd.
Ecologische impact
Gestreepte tonijn wordt meestal gevangen met ringzegens. Tonijn verzamelt zich rond drijvende objecten om te jagen. Ringzegens met lokboeien (Fish Aggregation Devices, FAD) baseren zich op dit gedrag om vis, zoals tonijn, aan te trekken en eenvoudig in groep te vangen. Het gebruik van deze techniek brengt echter ook bedreigde diersoorten in gevaar, zoals haaien, roggen, jonge tonijn en andere vissen die reeds overbevist zijn. Voor enkele van deze soorten is de tonijnvisserij één van de hoofdredenen van de achteruitgang van hun bestand. Wanneer er geen lokboeien gebruikt worden, is deze bijvangst veel kleiner. Jonge tonijn wordt echter nog steeds gevangen. Sleeplijnvisserijen (trolling en longlines of beuglijnen) hebben een enorme bijvangst van een aantal bedreigde soorten, zoals zeeschildpadden, zeevogels, haaien en roggen. Veel jonge vissen van andere economisch belangrijke soorten, zoals zwaardvis en marlijn, worden gevangen en teruggegooid, met weinig kans op overleven. Door het gebruik van aas kunnen deze methodes een impact hebben op de aasbestanden. Het gebruik van staande netten en kieuwnetten leidt tot minder bijvangst en heeft een minimale impact op de bodem. Beschermde haaien, roggen en zeezoogdieren behoren echter nog steeds tot de mogelijke bijvangst. Traditionele en artisanale vismethodes met hengels of handlijnen zijn selectief, produceren nauwelijks bijvangst, hebben weinig teruggooi en weinig ecologische impact.
Tonijnen, net zoals vele soorten in de bijvangst, zijn roofdieren. De achteruitgang van deze roofdieren heeft een nefast effect op het mariene ecosysteem, de verschillende gemeenschappen en het voedsel web.
Beleid
In alle gebieden waar gestreepte tonijn bevist wordt, zijn er regionale organisaties voor visserijbeheer (RFMO) werkzaam die aanbevelingen doen op het vlak van quota en minimumgroottes voor de tonijnvisserij, maar vaak niet in staat zijn om hun eigen regels op te leggen en af te dwingen.
- Marine Stewardship Council - 1